Sport

Drentse Sportmonitor 2014

Drentse ouderen minder vitaal Hoogeveen – De Drentse Sport- en beweegmonitor 2014, die SportDrenthe in opdracht van de provincie Drenthe heeft ontwikkeld en uitgevoerd, laat zien dat ouderen in Drenthe minder vitaal worden en het met de meeste van onze jongeren nog niet zo slecht is gesteld.sportdrenthe

Ontstaan van de Sportmonitor SportDrenthe heeft de allereerste sportmonitor in 2007 ontwikkeld in opdracht van de provincie Drenthe. Deze sportmonitor geeft relevante informatie en analyses op het gebied van sport en bewegen in Drenthe. Met de uitvoering van de Drentse Sportmonitor 2008 is een nulmeting gehouden. Met de Drentse Sportmonitor 2010 en 2012 en de Drentse Sport- en beweegmonitor 2014 hebben vervolgmetingen plaatsgevonden en kunnen trends worden waargenomen die van belang zijn voor de beleidsvorming of -ombuiging op de onderzochte gebieden. In de Drentse Sport- en beweegmonitor 2014 is voor het eerst ook de doelgroep 13 tot 18 jaar meegenomen. De Drentse Sportmonitor 2014 is ook een belangrijk meetinstrument voor het programma Drenthe beweegt.

Nederlandse Norm Gezond Bewegen en sportparticipatie De Sport- en beweegmonitor 2014 laat zien dat het aantal volwassenen in Drenthe dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB)[1] sinds 2010 is gedaald van 50% naar 44%. In de regio Zuidoost-Drenthe is dit het laagst met 40%. In 2013 lag het landelijke gemiddelde van de inwoners dat voldoet aan de NNGB op 62%. Voor de jongeren in Drenthe geldt dat 66% van hen in 2014 voldeed aan de NNGB. Ook hier scoorde de regio Zuidoost-Drenthe het laagst met 59%.

De sportparticipatie, 12 x per jaar sporten, onder volwassenen in Drenthe is licht gedaald van 74% in 2010 naar 72% in 2014. We doen het daarbij overigens beter dan het landelijke gemiddelde van 65%. De sportparticipatie, 1 x per week sporten, onder volwassenen is licht gedaald van 55% in 2010 naar 52% in 2014. Volgens cijfers van het CBS en RIVM sport 53,9% van de mannen in de leeftijd van 12 tot 80 jaar wekelijks, bij vrouwen in deze leeftijdsgroep is dit 51,3%.

Bij jongeren bedraagt de sportparticipatie (zowel 12 x per jaar als 1 x per week sporten) 84%. Van deze jongeren in Drenthe doet 89% dat bij een sportvereniging. De sportvereniging is voor jongeren dus een belangrijke voorziening voor hun sportbeoefening. De NOC*NSF Sportdeelname Index van april 2015 laat zien dat 78% van de jongeren tot 18 jaar die maand minimaal vier keer heeft gesport (in april 2014 was dit nog 77%). Het CBS en het RIVM maakten onlangs bekend dat tieners, in de leeftijd van 12 tot 18 jaar, met 67,2% wekelijks het meeste sporten.

De daling van de sportparticipatie onder volwassenen in Drenthe is voornamelijk toe te kennen aan de groep ouderen die minder is gaan sporten. Ook hier geldt dat de regio Zuidoost-Drenthe het laagst scoort. De monitor laat ook zien dat de populariteit van wielrennen/mountainbiken/toerfietsen onder 35- plussers in Drenthe is toegenomen. Wat dat betreft lijken we onze reputatie als fietsprovincie waar te maken.

Overgewicht In Drenthe ligt het percentage overgewicht[i] bij volwassenen op 50%, hiervan heeft 37% overgewicht en 13% obesitas. Als naar de Body Mass Index (BMI) gekeken wordt, dan heeft 83% van de jongeren een gezond gewicht. Bij groepen met een lage sociaal economische status (SES) komt meer overgewicht voor. In 2014 voldoen mensen met overgewicht en obesitas minder vaak aan de NNGB dan in 2012. Het aantal mensen met obesitas dat inactief is, is gestegen. Uit landelijk onderzoek blijkt dat mensen met obesitas en 55- t/m 79-jarigen minder vaak aan de NNGB voldoen. Dit geldt ook voor de inwoners van de provincie Drenthe. Het percentage volwassenen in Drenthe met overgewicht is stabiel gebleven, maar ze zijn wel minder gaan bewegen. Echter zijn volwassen met een gezond gewicht juist meer gaan bewegen. Hier lijkt een splitsing van twee leefstijlen op te treden. Jongeren met overgewicht bewegen juist meer dan jongeren met een gezond gewicht. Dit kan duiden op bewustwording van het belang van een gezonde leefstijl onder jongeren.

Eenzaamheid Van de volwassen zijn de 55- t/m 79-jarigen met 32% het meest eenzaam, gevolgd door de 34- t/m 54-jarigen met 31%. Eenzame volwassenen zijn vaker inactief dan niet-eenzame mensen. Opvallend is dat jongeren met 34% hoger scoren op (vooral matige) eenzaamheid dan volwassen. Eenzame jongeren sporten meestal onregelmatig, toch lijkt het erop dat zij met het stijgen van de mate van eenzaamheid juist regelmatiger gaan sporten. Langer, gezond zelfstandig?In een vergrijzende Drentse samenleving, waar ouderen meer en meer zijn aangewezen op zelfredzaamheid, is het zorgelijk om te constateren dat juist zij minder zijn gaan sporten en bewegen. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat inactiviteit bij ouderen leidt tot een stijging van het aantal gezondheidsklachten en minder zelfredzaamheid. Dit vraagt om een bijstelling van de beleidsfocus van overheden, organisaties en instellingen van meer bewegen voor jongeren naar meer bewegen voor ouderen.

Geef een reactie